21-03-12

Vier jaar geleden...

Dag mijn lieve venteke,

 

Het zijn bewogen weken geweest. Je hebt weer heel wat sterrenvriendjes bij gekregen. Kleintjes en grotere, sterrenvriendjes die afscheid hebben kunnen nemen en sterrenvriendjes die zomaar uit dit leven weggerukt werden. Het doet een mens stilstaan. Stilstaan bij hoe broos dit leven is. Stilstaan bij hoe belangrijk we voor elkaar zijn. Stilstaan hoe belangrijk het is om echt volop te leven. Stilstaan bij het feit dat we geen verlangens moeten uitstellen, maar ze in de mate van het mogelijke ook uit te voeren…. De wereld heeft hier even stil gestaan, iedereen werd door elkaar geschud,… Iedereen leefde mee met jouw nieuwe sterrenvriendjes en met hun ouders, broertjes, zusjes, vriendjes,… Je weet hoe ik denk over geloof. Maar is het ook menselijk om boos te zijn op God om wat gebeurt? Is het menselijk om in vraag te stellen of er effectief een God is? Is het menselijk om een antwoord te zoeken op het waarom?

Deze periode is al geen makkelijke periode. Dit maakte het nog extra moeilijk.

Weet je nog, schat, 4 jaar geleden had je je verhuis van 3K6 naar de picu (Pediatric Intensive Care unit) moeten maken. Je was er al even. Een duidelijke verklaring was er niet en het was een beetje gissen. Maar ondanks het feit dat je ene knappe, verstandige kleuter was, lukt het je niet meer de dingen te zeggen en te doen zoals anders. Jouw hersentjes lieten het afweten. Het ene moment leek je zo afwezig, keek je blik naar oneindig en het andere moment was ons oogcontact zo intens. Je ademhaling was zwaar waardoor je moeilijk kon praten. Toch deed je zo ontzettend je best, waardoor je ook snel uitgeput was.

Die 20ste maart 2008, mijn lieve krullewietje, staat zo in mijn geheugen gegrift. Je had het zo lastig, was vaak ‘afwezig’, reageerde vaak niet op vragen of op prikkels,… Je lag daar, mijn kleine kindje, in dat veel te grote witte bed op de picu tussen al die machines. En ik stond daar, met mijn masker, kapje, schort en handschoenen aan omdat we die isolatiemaatregelen moesten blijven respecteren. Je keek naar me, strekte je armpjes naar me uit opdat ik dichter zou  komen, wat ik ook deed. Je trok voorzichtig mijn haarkapje en mondmaker af. Toen ik je zei dat dat niet mocht omdat je anders nog zieker zou kunnen worden, zei je: “Maar mama, ik wil je zo graag nog eens zien!” Je had me de laatste maanden  enkel achter glas gezien zonder schort, haarkapje, mondmasker en handschoenen. Ik kon niet aan je weerstaan en liet je doen. Je vingertjes gingen door mijn haar. “Mama, je hebt zo’n mooie haartjes.” Je oogjes namen me helemaal in je op, elke vierkante millimeter. En plots gingen jouw oogjes weer naar het ijle. In de namiddag was je er weer even terug en vroeg ik of we samen een liedje zouden zingen. Jij koos het liedje van Woutertje Kaboutertje. Ik zong het voor je en je zong mee, 2 keer zelfs, tot je weer uitgeput was en je elders was. In de loop van de dag kreeg je het telkens maar moeilijker en moeilijker om te ademen, waardoor je ook niets meer kon zeggen. En ’s avonds, toen ik naast je zat vonden onze ogen elkaar weer terug. Ik zag in jouw oogjes hoe moe je was. Niet zomaar moe, maar echt moe,…op… En, zoals ik schreef in mijn boek, ik zag een angst, ik zag geen pijn, ik zag geen verdriet,… Ik zag dankbaarheid en berusting. Je prachtige blauw-grijze oogjes zeiden me: “Mama, ik ben moe, ik wil dit niet meer. Het is genoeg geweest. Iedereen heeft gedaan wat hij kon, maar voor mij is het echt genoeg. Ik ben klaar om een stapje verder te gaan. Ik ben zo blij dat ik even, tijdens mijn korte leventje bij jullie mocht zijn. Ik heb zo van jullie genoten, ik ben blij dat ik hier geweest ben. Ik ben niet bang, ook jij moet niet bang zijn…” Ik hoorde geen woorden, maar je oogjes zeiden genoeg… En plots waren je oogjes weer elders,… Het was al nacht toen ik door de ondergrondse gangen van het UZ naar mijn kamertje op 4K6 ging en van daaruit nog eens belde naar de verpleging om te vragen hoe het met je was. Je was ‘rustig’ maar ademde zwaar,… Doodmoe ging ik de nacht in terwijl papa thuis bij je broertjes en zusje was. Vroeg in de morgen, die 21ste maart, de eerste dag van de lente,  belde ik opnieuw naar de picu. Je ademde zwaar. Ze vermoedden dat je maar met één longetje meer ademde . Foto’s bevestigden dat. De intensivist zou met een speciale machine een poging doen om jouw ander longetje weer te laten werken. Ik stond naast je, was de hele tijd bij en, hoewel je op niets reageerde zei ik je toch de hele tijd wat er zou gaan gebeuren. Ik was zo bang, dit zag er echt helemaal niet goed uit. We hadden die hele tijd in Gent alleen maar stapjes achteruit . Elke hoop die we hadden werd telkens weer weggeveegd. We dachten dat we aan het uiterste  dieptepunt zaten… Wat dachten we verkeerd…. Ik had je handje vast terwijl ik de hele tijd zei dat je niet bang moest zijn, dat de dokter jouw zou helpen, dat mama de hele tijd bij jou zou blijven,… En ik bleef het maar,… Ook toen ik zag dat het nog meer fout ging. Bij de poging jouw ene longetje weer te laten werken, begaf ook jouw andere longetje het. Alle machines die lawaai konden maken, deden dat ook. En het was echt een hels lawaai. Iedereen stormde de kamer binnen, nog  machines werden er in alle ijl bij gehaald. Jouw hartje was ook gestopt met kloppen dus werd er met hartmassage gestart… Er was voor mij geen plaats meer op dat kleine kamertje. En hoeveel liever ook bij je gebleven was,… Ik moet uit de kamer om ervoor te zorgen dat ik niet in de weg stond bij je reanimatie… Ondertussen belde ik in volle paniek naar papa om te zeggen wat er aan het gebeuren was en dat hij zich moest haasten om naar Gent te komen. Even later kwamen de artsen zeggen dat de reanimatie gelukt was maar dat je nu wel in een kunstmatige coma zou gehouden worden om te recupereren. Je bent nooit meer wakker geworden, mijn bolleke. Toen wist ik dat jij daags ervoor wel had aangevoeld dat jouw lijfje op was, dat je heel bewust afscheid genomen had. Moest de reanimatie dan niet gelukt zijn, zou het vandaag 4 jaar geleden zijn dat je naar opa mocht vertrekken.

 Die dag blijft steeds een lastige dag. Maar gisteren hebben papa en ik geprobeerd onze gedachten te verzetten en dat is grotendeels gelukt. We zijn naar Bryan Adams gaan kijken in het sportpaleis in Antwerpen. Daarvoor moesten we wel langs het UZ voorbij rijden, wat steeds weer die herinneringen oproept. Desondanks hebben we genoten. Ook vandaag, die eerste dag van de lente was een echte lentedag!!! De zon scheen volop, de vogels fluiten, zus haalde haar zomerjurkjes uit, je broer ravotte in de tuin op de trampoline en mama sloot haar ogen en genoot van de zon in haar gezicht!

Mijn lieve Rytseke, het is niet makkelijk, en soms is het verdomd moeilijk om verder te gaan. Maar het lukt, met vallen en opstaan, met schaterlachen en huilbuien,… Maar telkens ik rond me kijk, zie wie ik rond me heb, jouw broers en zus, papa, die ik zo ongelofelijk graag zie,mijn vrienden,… kan ik weer vooruit!!!

Mijn allerliefste Rytseke, wat ben ik trots jouw mama te mogen zijn!!! Of je nu hier of ginder bent,… Ik ben en blijf het,… Voor altijd!!!

                                                                                                                

Dikke kus,

Jouw mama XXXXXXXXXXXX…………….bouw2006 404.jpgDSCN1789.JPGDSCN4051.JPGDSCN3875.JPG

21:13 Gepost door Els, mama van *Rytse, voor altijd... | Permalink | Commentaren (3) |  Facebook |